Skip directly to content

In Memoriam Carel Sallaerts

Datum: ma, 06/22/2015 - 10:12

IN MEMORIAM Carel Sallaerts

26-12-1945 29-4-2015

Ik wil dit In Memoriam uitspreken omdat ik Carel Sallaerts, dit voorjaar overleden, bijna veertig jaar gekend heb als collega en vriend.

Sinds begin jaren ’80 is hij kandidaat en lid van de NVPA geweest. Toch was hij niet bij zovelen hier bekend, omdat zijn Verenigingsactiviteiten voornamelijk beleidsmatig waren, terwijl zijn curatieve bezigheden plaats vonden in Rotterdam.

Ik was erbij toen Carel kennis maakte met de psychoanalyse, want we hebben samen deelgenomen aan de eerste IMP- (Instituut Medische Psychotherapie) -cursus voor psychoanalytische psychotherapie, georganiseerd in Rotterdam door Prof. Jan Thiel, in 1976.

Een cursus met louter opleiders van de NVPA, die verschillende deelnemers tot aanmelding bij de Vereniging geïnspireerd heeft. Onder wie Carel.

Carel heeft vaak duidelijk gemaakt dat de psychoanalyse een bepalende en uiterst waardevolle rol in zijn leven gespeeld heeft, “een van de beste dingen die hem is overkomen”. Dat dit geen loze woorden waren was te merken aan zijn persoonlijk leven, waarin hij uitgroeide tot een markante persoonlijkheid, en beroepsmatig, tot een zeer toegewijde behandelaar en docent.

De oorspronkelijke keuze om psychologie te studeren lag vanuit zijn achtergrond niet zonder meer voor de hand. Carel was afkomstig uit een ondernemersfamilie, en de sporen hiervan zijn zichtbaar gebleven in zijn belangstelling en talent voor organisatie en financieel beheer.

Hij heeft bij elkaar opgeteld bijna 50 man-jaren bestuurlijke functies vervuld, waarvan een aanzienlijk deel als penningmeester.

De meeste hiervan binnen de NVPP, waar hij o.a. supervisor en leertherapeut was, in diverse opleidings- en wetenschappelijke commissies gezeten heeft, en penningmeester geweest is.

Voor de NVPA is hij actief geweest bij psychotherapie-opleidingen in Oost-Europa. In het Roemenie-project weer als penningmeester, en een aantal malen als opleider in Litouwen.

En hij is heel lang Secretaris van de Stichting Psychoanalytische Fondsen geweest.

Zijn werkkring is meer dan 35 jaar bij het Bureau Universiteits Psycholoog geweest, waarvan ca. twintig jaar als coördinator, en hij heeft in die functie heel actief, en als het nodig was zelfs in gevecht, een plaats ingeruimd voor het analytisch denken en handelen, ook toen dit allengs minder vanzelfsprekend of welkom werd. Daarmee heeft hij een bijdrage geleverd aan de geestelijke gezondheid van generaties studenten. Aanvullend werkte hij als analyticus op het IMP, later de Riagg, en in eigen praktijk.

Zijn inzet, loyaliteit en humor maakten hem een geliefde collega.

Carel was een extraverte, aardse man, van goede smaak, in optreden en verschijning een gentleman, met veel en uiteenlopende belangstelling; een fijn gevoel voor contact, en veel vrienden. Een gepassioneerd ruiter, en liefhebber van muziek en beeldende kunst, èn van lekker eten en drinken en een goede auto.

Hoezeer de psychoanalyse een deel van hem geworden was, is naar mijn idee vooral gebleken toen hij zijn fatale diagnose kreeg.

Op bewonderenswaardige wijze heeft hij de zwaarte hiervan deels alleen verwerkt, deels met kinderen en vrienden kunnen delen en zich aan hen toevertrouwen.

Naast een sterke hang naar het leven was er een compromisloze eerlijkheid en realiteitszin over de ernst van zijn situatie. Zo benoemde hij zijn laatste verjaardag, die hij tot zijn vreugde nog heeft kunnen vieren te midden van vrienden, als zijn “pre-funeral-party”.

Heel veel pijn deed het hem om afscheid te moeten nemen van zijn patiënten en zijn beroep. Dit was het rouwproces dat hem het meest opstandig maakte: “Dat ze (doelend op zijn ziekte) dit van me hebben afgepakt, dat vind ik vreselijk”, zei hij.

Hij bleek een warme en betrokken band met zijn patiënten te onderhouden, voor wier ontwikkeling hij door beurtelings narcisme-sparend en confronterend te kunnen zijn, veel moet hebben betekend. Bij dezelfde onverzettelijke trouw die hij zijn vrienden betoonde.

Toen behandelingen niet langer baatten, was het zijn liefste wens om nog een zomer mee te maken. Maar het noodlot had al teveel de overhand.

Hij is iemand om met respect èn plezier te gedenken.

Gerda Frijda, juni 2015